Zoeken in deze blog

Welkom op deze weblog

"Een uit de hand gelopen hobby"
"Kent u die uitdrukking?" zou dominee Gremdaat zeggen!

Via de volgende link kunt u de volledige lijst vinden van de boeken die ik in de verkoop heb:


Daarnaast echter zijn er altijd boeken die ik graag in mijn privé bezit houd.

Het leek mij leuk om iets meer te laten zien van de boeken die ik interessant vind. Vanwege de speciale uitgave, de interessante inhoud, de schitterende band of de prachtige illustraties.

Daarvandaan dus....

En misschien laat ik u af en toe ook wel mee genieten van mijn literaire aspiraties, in proza of poezie.
Of plaats ik een afbeelding van mijn eigen schilderkunst!

Veel plezier!

Follow RolandWitte on Twitter

zondag 1 april 2018

COSTER'S UILENSPIEGEL

DE LEGENDE EN DE HELDHAFTIGE VROOLIJKE EN ROEMRIJKE DADEN VAN UILENSPIEGEL EN LAMME GOEDZAK IN VLAANDERENLAND EN ELDERS

DOOR CHARLES DE COSTER





WIE WAS CHARLES THÉODORE HENRI DE COSTER?

HIJ WERD GEBOREN IN MÜNCHEN IN 1827 EN OVERLEED TE ELSENE IN 1879, 
was een zoon van een Vlaamse vader en een Waalse moeder.

Het onderhavige werk, 
de legende van Uilenspiegel en Lamme Goedzak, speelde tegen de achtergrond van de Tachtigjarige Oorlog, werd bekend in de hele wereld, maar viel aanvankelijk in eigen land (België) niet in de (conformistische) smaak.

De legende van Uilenspiegel en Lamme Goedzak incarneerde het hart en de ziel van Vlaanderen. Zij vermengt folklore en geschiedenis met mythe, het verhaal van een familie met dat van een volk. Tijl Uilenspiegel vecht voor zijn vrouw, Nele, maar hij is vooral ook een verdediger van de vrijheid, tegen de verdrukking van Filips II van Spanje en diens landvoogd, de hertog van Alva. Uilenspiegel is de held die zich verzet tegen alle vormen van onderdrukking.

(bron Wikipedia)




De 'Legende' werd oorspronkelijk in het Frans geschreven in 1867 en grijpt terug op de figuur Tijl Uilenspiegel die in veel middeleeuwse verhalen voorkomt.


Deze werkelijk prachtige uitgave zag het licht 
naar aanleiding van de 100e geboortedag van de schrijver.

Ter gelegenheid van de Charles de Coster herdenking 
is deze 4e druk verlucht met platen en vignetten van Alb. Hahn Jr.




"Klaas deed het venster open en sprak tot Uilenspiegel:
- Kind met den helm, zie, daar is moeder de Zon, die Vlaanderenland komt groeten.
Bezie haar als uwe kijkers zullen open zijn; verkeert gij later ooit in twijfel, weet gij niet wat te doen om goed te doen, ga dan om raad bij de Zonne; zij is warm en helder: wees zo goed als zij warm en eerlijk als zij helder is.-"





Openingspagina van het eerste boek.



Naar verluid werden Tijl Uilenspiegel én Philips II 
(zoon van Karel de Grote) op dezelfde dag geboren:

"- Twee kinderkens zijn geboren; het een, in Spanje, is de kleine Philippus, het ander, in Vlaanderenland, is de zoon van Klaas, die later Uilenspiegel zal heeten. Philippus wordt een beul, want hij werd verwekt door Karel den Vijfde, den moordenaar van ons land.
Uilenspiegel wordt een meester in kwinkslagen en guitenstreken, maar goedhertig zal hij zijn, want zijn vader is Klaas, de wakkere arbeider, die in braafheid, eer en deugd zijn brood verdient.
Keizer Karel en koning Philippus zullen hun leven lang kwaad doen, door oorlog, knevelarij en andere misdaden.-"




"-De wreede plakkaten des keizers gaan ze weer uithalen. Opnieuw zal de dood over Vlaanderenland heerschen. De aanbrengers krijgen de helft van de have der slachtoffers, als de have de honderd karolusgulden niet te boven gaat.-   .....
..... '-in Vlaanderen is het leven onhoudbaar, wegens de plakkaten. Welhaast zal telken nacht de kar van den Dood dof door de straten rijden en wij zullen zijne beenderen hooren rammelen.-"

Een plakkaat was in de Nederlanden van de 16e tot de 18e eeuw een ordonnantie waardoor regeringsvoorschriften ter kennis van het volk werden gebracht. ]




-Toen de weerd en vier koks den pannekoek opdienden, opgesmukt met peterselie en keur van kruiden, wilden de blinden er zich op werpen, maar de weerd gaf, niet zonder moeite, eerlijk aan elk zijn deel.-





-Uilenspiegel sneed hun de keel af en sprak:
-Snoeken, mijne vriendjes, zoudt gij de paus en de keizer zijn, die elkander verslinden, en ik het wakkere volk dat u beiden, terwijl gij vecht, vastgrijpt, op het uur dat God zal believen?-




- Dit zijn de doorluchtige voeten van den Prins der Prinsen, den Koning der Koningen, den Keizer der Keizers. Kus, geloovige, kus de heilige muilen. En ik kuste de heilige muilen en mijn neus was gansch vervuld met den hemelschen geur die uit die voeten opsteeg.-





Vignet tussen eerste en tweede boek





-Op den 15 den Oogstmaand, den grooten dag van Maria en van de wijding van kruiden en wortelen, wanneer de hennen, volgepropt met graan, doof blijven voor 't geroep van den minbelusten haan, werd aan eene der poorten van Antwerpen, een groot steenen kruisbeeld aan stukken geslagen door een Italiaan, in dienst van Granvelle, en de ommegang van Onze-Lieve-Vrouwekerk ging uit, voorafgegaan door groene, gele en roode narren.-





Vignet tussen tweede en derde boek.





-Hebt gij den lelijken hertog gezien, met zijn plat voorhoofd als dat van een arend, en zijn langen baard, die gelijkt op een eind galgekoord? Hebt gij die spinnekop met haar lange harige pooten gezien, die Satan over onze landen braakte?-


Bij een terechtstelling nam men geen halve maatregelen. 
de beul(en) "vermaakten zich...":

-Met een hert dat klopte van angst, ging Uilenspiegel te Brussel naar de Peerdenmarkt, den ijselijken folterdood bijwonen.
En de arme Armentières, op het rad gelegd, kreeg zeven en dertig slagen met een ijzeren staaf op de beenen, de armen, de handen en voeten, die achter elkander aan stukken werden geslagen, want de beulen vermaakten zich met hem wreed te doen lijden.
En op de borst kreeg hij den zeven en dertigste klop, van denwelken hij stierf.-




-Die mannen werden later aan de Nieuwe Galge uit hoofde van ketterije gehangen, en hunne lijken werden begraven op het Galgeveld, omtrent de Brugsche poort.-





Nog een terechtstelling:
-En de vischverkooper huilde als een wolf.
En de klokken van Onze-Lieve-Vrouwekerk klepten.-






Eerste pagina vierde boek





-En de Geuzen zongen op de schepen: 
-Christus, zie uwe soldaten. 
Zegen onze wapenen, Heer. Leve de Geus.-





-Zult gij mij nog dikzak heeten? gij zijt dikker dan ik!....
.... -gij zijt broer Dikzak, Vetzak, Slokzak, Leugenzak, Modderzak; gij hebt vier duim spek onder uw vel...-






Dit is een (gewone) uitgave met de illustraties van Alb. Hahn Jr., 
ter gelegenheid van de 100e geboortedag van Charles de Coster.






Krantenfoto van het grafmonument 
dat t.g.v. het eeuwfeest werd onthuld.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten